Dit artikel is oorspronkelijk geplaatst in de nieuwsbrief van Provincie Noord-Brabant.
Een flinke onweersbui na een warme periode kan voor problemen zorgen. De bermen zijn dan vaak uitgedroogd en worden hard. Dat zorgt ervoor dat grote hoeveelheden regenwater minder goed kunnen wegzakken in de bermen. In plaats daarvan blijft het water op de weg liggen wat leidt tot overlast en gevaarlijke situaties.
Natuurlijke oplossingen
Bron: Provincie Noord-Brabant
Bij het ontwerp van een weg houden we al rekening met het regenwater. We onderzoeken dan hoeveel water de bodem kan opnemen. Dat hangt bijvoorbeeld af van de grondsoort en van het grondwaterpeil. Wanneer uit het onderzoek blijkt dat het water niet goed afgevoerd kan worden, nemen we maatregelen. Daarbij laten we het liefst regenwater infiltreren in de bodem. Zo vullen we het grondwater aan en houden we de natuurlijke waterbalans in stand. Afvoeren via sloten of het riool doen we alleen als het echt nodig is.
Het liefst gebruiken we natuurlijke oplossingen om het water te laten infiltreren in de bodem. Een natuurlijke oplossing is bijvoorbeeld een zaksloot. Dit is een doodlopende sloot of greppel die het water tijdelijk vasthoudt. Vervolgens kan het regenwater langzaam de bodem in zakken en loopt de zaksloot weer leeg.
Kratten en koffers
We hebben niet overal ruimte voor zaksloten, zoals langs de N282 bij Rijen. Daarom zijn daar andere oplossingen ingezet: infiltratiekratten en grindkoffers. Langs de N282 hebben we een veld met infiltratiekratten neergelegd. Deze kratten zijn hol, waardoor het water er tijdelijk opgeslagen kan worden en zo langzaam in de bodem zakt. Om de kratten zit een vlies zodat er geen vuil ophoopt in de kratten. Daarbovenop hebben we een grasveld neergelegd. Zo ziet het veld er natuurlijk uit en zijn de kratten in de bodem weggewerkt. Langs de N282 hebben we ook grindkoffers gemaakt. Dit zijn wat kleinere kuilen langs de weg die gevuld zijn met grind. Het grind zorgt ervoor dat het water langzaam naar beneden loopt en zo rustig in de bodem zakt.
“Deze oplossingen zijn niet ideaal,” legt Gert Jan Koppelman, technisch manager Infrastructurele Projecten bij Provincie Noord-Brabant, uit. “Het liefst gebruiken we natuurlijke oplossingen. Dat is beter voor de biodiversiteit en het onderhoud is meestal makkelijker. Maar we hebben daar helaas niet altijd plek voor langs de provinciale wegen. Gelukkig gaan de krattenvelden wel lang mee, gemiddeld zo'n 60 à 70 jaar. Vervangen doen we dus maar weinig.”

Bron: Provincie Noord-Brabant

Onderhoud langs de weg
Ook als de weg er al ligt, werken we aan de afvoer van regenwater. Dat doet de provincie bijvoorbeeld door de bermen goed te beheren. We leggen de bermen zo aan dat die iets lager liggen dan de weg. Dan kan het water van de weg afstromen en in de bermen infiltreren in de bodem. Door vuil als bandenresten, zand en natuurafval wordt de berm steeds een beetje hoger. Eens in de zoveel tijd verlagen we daarom de bermen. Ook maken de bermen gezond en groen. De begroeiing in de berm zorgt namelijk voor een goede wateropname.
“Soms komt het voor dat we snel moeten handelen. Bijvoorbeeld als het water niet van de weg af kan stromen tijdens een heftige bui. Dan schakelen we een aannemer in die sleuven maakt in de berm. Zo kan het water toch snel van de weg af. Later komen we dan terug om de berm helemaal te verlagen,” vertelt Liesje Heij-van Oyen, themabeheerder Klimaatadaptatie en Biodiversiteit provinciale wegen bij Provincie Noord-Brabant.