Waterstof bij de provincie Noord-Brabant: in gesprek met Stefan Ruizendaal

07-02-2023
190 keer bekeken

Stefan is bij de provincie Noord-Brabant het aanspreekpunt voor waterstof. Wat is zijn missie? Hij ziet voor de provincie vooral een rol in het stimuleren van drie dingen: de technologie ontwikkeling, het opschalen van productieprocessen en meer gebruik maken van circulaire materialen.

Stefan, je bent aangenomen bij de provincie Noord-Brabant om je toe te leggen op waterstof. Waar hou je je vooral mee bezig?

Feitelijk ben ik begonnen met de opdracht ‘jij bent het aanspreekpunt voor waterstof.’ Waarom? Je ziet dat er in het afgelopen jaar ontzettend veel gebeurd is rondom waterstof. Misschien niet zozeer in het Provinciehuis maar in de markt gebeurt er al veel meer. Zoals jij onlangs Van Beers hebt gesproken over hun graafmachine, zie je dat het al vaker gebeurt dat machines of voertuigen door marktpartijen worden omgebouwd.

Maar we moeten opschalen en een vraag is welke rol we er als provincie in kunnen hebben.

Ik zie die rol vooral in het stimuleren van drie dingen: de technologie ontwikkeling, het opschalen van productieprocessen en meer gebruik maken van circulaire materialen. Concreet betekent dit de doorontwikkeling van elektrolysers, dat zijn de omzetters naar waterstof, en de doorontwikkeling van brandstofcellen, de omzetters naar elektriciteit. Deze processen verlopen nu nog niet efficiënt genoeg. Er zijn in Brabant diverse partijen bezig met deze doorontwikkeling. Het is een mooie uitdaging voor de Brabantse partijen om de verschillende componenten te ontwikkelen die nodig zijn voor een nieuwe generatie elektrolysers. We moeten toe naar een Brabants aandeel in de Europese elektrolyserproductie. Daarbij gaat het zowel om de doorontwikkeling van de elektrolysers als de opschaling van de productie ervan.

Welke rol heeft de provincie dan?

Wij zijn als provincie dan de verbinder. Binnen het programma economie worden die bedrijven en partijen bij elkaar gebracht om in zetten op goed onderzoek naar het ontwikkelen van die nieuwe technologieën en de ontwikkeling van de productieprocessen. Ook de TU Eindhoven is erbij betrokken. Brabantse bedrijven uit de Brainport regio zoals VDL, Fluidwell en Prodrive gaan zien dat zij – al dan niet in samenwerking met partners uit andere Europese regio’s - in die markt een aandeel kunnen hebben.

Is opschalen wel mogelijk?

Opschalen is wel mogelijk maar om dat mogelijk te maken is er een vorm van zekerheid nodig voor het bedrijfsleven om te investeren hierin. Op dit moment onderzoeken we of de provincie een rol kan spelen in het bieden van die zekerheid., Dat kunnen ook financiële zekerheden zijn, zoals bijvoorbeeld een nog uit te ontwikkelen eindproduct inkopen en zo het afzetrisico verkleinen.

De vraag is: heb je daar geld voor over? Na de provinciale verkiezingen in maart zal het duidelijk worden in hoeverre we daarop kunnen inzetten, er zijn in de provincie immers nog andere onderwerpen waar ook de nodige aandacht en inzet op nodig isOnze vraag is nu vooral hoeveel geld kun je hiervoor inzetten om opschaling op te starten, maar ook hoe we kunnen meedelen op het moment dat er geld verdiend wordt.

Wat gebeurt er op dit moment al in de Brabantse infra en mobiliteit op het gebied van waterstof?

Behalve een pilot met een aggregaat met mierenzuur, waarmee waterstof gemakkelijker en veiliger op te slaan en te transporteren is, hebben we bij mijn weten geen directe projecten in de infra waarbij gebruik wordt gemaakt van waterstof gedreven materieel.

De toepassing van waterstof in mobiliteit richt zich wat Brabant betreft vooral op langeafstandswegtransport en zwaar materieel. Die laatste categorie kan interessant zijn bij infrastructurele projecten. 

Zijn er nog subsidies waarvan men gebruik kan maken?

Als het gaat om het toepassingsgebied zwaar transport en bouwwerktuigen, dan is het interessant om te melden dat het Rijk volgend jaar met een subsidieregeling komt voor het realiseren van waterstoftankstations in combinatie met de aanschaf van waterstofvoertuigen. Op die manier wordt zowel het aanbod aan waterstof als de vraag naar waterstof opgeschaald en wordt gebouwd aan een landelijk dekkend netwerk aan waterstoftankstations.

En hoe staat het met de verkrijgbaarheid van waterstof, wat doet de provincie Noord-Brabant hiermee?

De verkrijgbaarheid van groene waterstof is voorlopig nog lastig en het transport van waterstof kan niet onbeperkt via weg.

Er is wel sprake van de ontwikkeling van waterstoftankstations. Zoals bij Bladel langs de a67, nabij de grens met België en Duitsland. Daar wordt gewerkt aan een windmolenpark, dat wordt gekoppeld aan een grote elektrolyser voor de productie van groene waterstof. Reden is dat op dat bedrijventerrein geen elektriciteit beschikbaar is, het net zit vol. Er is dus geen stroomaansluiting mogelijk voor dat bedrijvenpark. Daarom wordt er nu nagedacht over ter plekke waterstof maken, echt groene waterstof dus. Het mooie van waterstof ten opzichte van batterijen is dat je het lang kunt opslaan. Dit project GreenH2ub wordt uitgewerkt door een samenwerking van verschillende bedrijven en partijen. Via de BOM (Brabantse Ontwikkelings Maatschappij) is de provincie daar ook bij betrokken.

Een andere mooie ontwikkeling is het binnenkort te openen waterstoftankstation in Roozendaal, h2point.

En we hadden in Brabant natuurlijk het allereerste tankstation met groene waterstof van Nederland, dat stond eerst in Helmond en staat nu in Veldhoven.  Dat tankstation is in 2013 geplaatst op initiatief van Waterstofnet, een kennis- en samenwerkingsplatform op het gebied van waterstof. Het tankstation is nu verhuisd naar Veldhoven, hier kunnen zowel personenauto’s als zwaar materieel komen tanken.

Wat zijn in jouw ogen vooral interessante toepassingsgebieden?

Eigenlijk zijn drie gebieden. Ten eerste op de korte en middellange termijn de toepassing in de industrie, waar nu al grijze waterstof gebruikt wordt. In 2030 moet dat voor een deel groen zijn, hiervoor komen Europese normen. Ten tweede zal in de transportsector (binnenvaart, wegvervoer en luchtvaart) ook een dergelijke verplichting voor 2030 komen. Dus ook daar is het ontwikkelen en opschalen van toepassingen belangrijk en interessant. Denk ook aan methodes om waterstof te vervoeren zoals het ‘verpakken’ in hydrozine. Kanttekening hierbij is wel dat je er rekening mee moet houden dat er bij het uitpakken weer  stoffen vrijkomen die gebruikt zijn voor het inpakken. Dat is in principe tegen elkaar weg te strepen (netto uitstootvrij), maar kan wel zorgen voor lokale uitstoot op de plek van toepassing.

Een derde terrein is waterstof als buffer in het energiesysteem. Waterstof kun je prima langer opslaan en kan daarom voor seizoensopslag interessant zijn. Deze waterstof kun je in de zomer produceren of importeren en in de winter gebruiken. Een dergelijke seizoensopslag is nodig omdat er gedurende het jaar periodes zijn van weinig wind en zon, waardoor er een tekort aan elektriciteit kan ontstaan. In die gevallen zou het terug omzetten van waterstof naar elektriciteit een oplossing kunnen zijn, waarbij je ook de bij dat proces vrijkomende warmte zo goed mogelijk wil benutten.

Is er nog iets anders belangwekkends te melden rond waterstof in Brabant?

Ja, de uitrol van waterstofinfrastructuur. In 2027 moeten er in Brabant 2 tracés zijn uitgerold, de hele grote verbruikers kunnen dan aantakken op een hoofdleiding. Het eerste tracé loopt door West-Brabant, grofweg van Rotterdam naar Zeeland en Antwerpen. Het tweede tracé loopt vanaf Moerdijk richting het oosten, richting Den Bosch, Eindhoven. Deze beide tracés moeten in 2027 operationeel zijn, waarna er dus op grote schaal waterstoftransport mogelijk is. Daarna wordt ook gekeken naar aansluiting van fijnmazigere netten. Waar deze netten in de buurt van grote wegen liggen, biedt dit kansen voor waterstoftankstations.

Afbeeldingen

X (voorheen Twitter)

Cookie-instellingen