‘Duurzaamheidslat met gunningscriteria hoger leggen’ 

26-01-2022
414 keer bekeken

Moet de lat om naar emissieloos materiaal op de bouwplaats te gaan niet hoger komen te liggen? Oftewel, is de marktvisie en inkoopstrategie die de Buyer Group met de aanpak Zero Emissie Bouwmaterieel heeft uitgestippeld niet te voorzichtig?

 Aldus in het kort de kern van de discussie tijdens de digitale Inkoopsessie Emissieloos Inkopen die onlangs door INDUSA is gehouden. “Met gunningscriteria kunnen gemeenten zelf de lat hoger leggen. Van belang is dat we zoveel mogelijk partijen mee gaan krijgen”, benadrukt Carla Vosmaer, contractmanager bij de provincie Noord-Brabant en adviseur duurzaamheid.

Centraal tijdens deze inkoopsessie staat de marktvisie en inkoopstrategie van de Buyer Group over Zero Emmissie Bouwmateriaal. In 2030 moet elke uitvraag op zero emissie gebaseerd zijn. “Voor de markt moet duidelijk zijn dat dit echt is waar we naar toe gaan. De hele keten moet zich daarop richten”, legt Carla Vosmaer de aanpak uit. “We kunnen niet morgen alles uitvragen, want zo veel elektrisch materieel is er nog niet. Dus maatwerk dat past bij de omvang van het project en de aard van de problematiek is nodig.”

Scenario

De marktvisie en inkoopstrategie bestaat uit een aantal leidende principes en een door de Buyer Group voorgesteld scenario dat uitdagend en haalbaar wordt genoemd. Uiteindelijk moet het voor de bouwsector goedkoper zijn om elektrisch materieel in te zetten in plaats van conventioneel materieel. Voor het lichte materieel wordt dat kantelpunt al binnenkort bereikt. Voor middelzwaar materiaal zal dat midden 2028 zijn. Vanaf 2030 is de verwachting dat het ook voor het overgrote deel van het zware materieel voordeliger is om elektrisch aan te schaffen dan conventioneel materieel in te zetten. Maar er moet wel rekening met afschrijvingstermijnen worden gehouden. 

Vosmaer benadrukt dat dit ingroeipad de basisstap is. “Het is de minimumlat waarbij we ernaar streven om zoveel mogelijk publieke opdrachtgevers hierin mee te nemen om dit als minimum te pakken. Uiteraard heb je nog steeds de mogelijkheid om via gunningsvoordeel in pilots of specifieke projecten hogere eisen te stellen. Het belangrijkste is dat we hiermee zeggen: ‘markt hier moet je tenminste naartoe, weet dat we op een aantal plekken meer zullen vragen, weet dat er koplopers bij de opdrachtgevers zullen zijn, maar dan gaan we de goede kant op en weten in welk tempo’.”

Worstelen

In een reactie zegt Bas Drijvers, strategisch inkoopadviseur bij de gemeente Eindhoven, wel te worstelen met de vraag in hoeverre je als opdrachtgever met bedrijven meegaat als zij langer zwaar materieel blijven inzetten omdat het nog niet zou zijn afgeschreven. “Ik vraag mij af of met dit ingroeipad van de Buyer Group marktpartijen wel voldoende worden gestimuleerd om te investeren.” Carla Vosmaer zegt op haar beurt dat gemeenten de mogelijkheid hebben om er met gunningcriteria een plus op te doen. “Er kan meer, maar we moeten niet vergeten dat we een heleboel mensen mee moeten nemen. En als we de lat te hoog leggen, dan wordt het lastig”, aldus Vosmaer. 

Dit punt is later in de breakout-sessies onderwerp van discussie. Zo kan Robbert Becker, adviseur Markt en Overheid Regio Zuid bij Bouwend Nederland, zich wel voorstellen dat gemeenten die onderscheidend willen zijn de lat hoger leggen. Tegelijkertijd vreest hij echter dat grote ondernemingen die wellicht ook slimmere allianties sluiten, hierdoor een voorsprong krijgen op kleinere partijen. “Ik denk dat, als we sectorbreed kijken, het dan vooral de kleintjes zijn die het kind van de rekening worden. Maar het is nu eenmaal altijd aan gemeenten zelf hoe deze het aanbestedingsbeleid inrichten en welke ambities zij daarin hebben.” Eugenie Bruins, werkzaam in Eindhoven, ziet toch ook wel dat kleinere aannemers die van de hoed en de rand weten, voor de innovaties gaan. “Misschien kunnen juist zij wel de aanjagers zijn die je als voorbeeld kunt inzetten”, aldus Bruins. “Er moet”, benadrukt Becker, “voor marktpartijen ook enige zekerheid zijn dat die investering gaat lonen. Ik vind het mooi om te zien wanneer je als steden en in een alliantie van Brabantse gemeenten dit samen kunt gaan doen. Het is fijn voor aannemers dat ze weten dat er veel inkoopvolume is.” 

Eenduidigheid

Wat in zijn ogen wel belangrijk is, is dat er eenduidigheid komt in het gebruik van dezelfde begrippen. “Dat geeft ook voor marktpartijen duidelijkheid.”  In het verlengde hiervan wordt in de parallelle breakout-sessie gepleit voor een vereenvoudiging van de terminologie in documenten. De handreiking waar de Buyer Group aan werkt, moet interactiever zijn en beter leesbaar voor de minder gespecialiseerde lezers.

Gunningscriteria

Aan het einde van de bijeenkomst stelt Mark van den Hoven vast dat hij mogelijkheden ziet 

dat de koplopers met het stellen van gunningscriteria de lat wat hoger kunnen leggen en daarmee grotere aannemers stimuleren al eerder in elektrisch materieel te investeren. Jos van Alphen van Bouwend Nederland ziet ook het liefst dat zoveel mogelijk aanbesteders duurzame gunningscriteria gaan toepassen. “Want”, zo benadrukt hij, “dat is de belangrijkste stimulans voor de markt om in beweging te komen. Anders blijf je hangen in minimumeisen tot de volgende stap wordt gezet en dat valt dan weer rauw op het dak en gaan weer veel partijen klagen. Met gunningscriteria is er een voortdurende prikkel en uitdaging. Dat is de belangrijkste drive om bij marktpartijen die innovaties los te krijgen.” 

Richting geven

Ook Vieve Smulders van de gemeente Eindhoven vindt dat de minimumeisen voor gemeenten richting geven, maar dat daar bovenop wel gunningscriteria moeten worden geformuleerd. “We hebben nu de kans om binnen vijf jaar de markt te prikkelen om eraan te voldoen voordat het verplicht is.”

Van den Hoven is het met haar eens. “De kleinere gemeenten en kleinere aannemers”, zo besluit hij deze digitale inkoopsessie, “moeten we de ruimte bieden om mee te groeien. Wellicht moeten we als INDUSA netwerk als collectief de lat wat hoger leggen, waarbij we de ervaring met gunningscriteria blijven uitwisselen. En de valkuilen moeten we voor elkaar proberen te dichten door goed samen te werken.” 

 

 

Afbeeldingen

X (voorheen Twitter)

Cookie-instellingen